Foto Sirotti
Vincenzo Nibali’s advies voor de Giro 2026: ‘Je geeft een koers niet halverwege op’
De Haai van Messina blikt terug op zijn spectaculaire ommekeer in de Giro van 2016 en twee rondes die hem ontglipten. Zijn boodschap aan de volgende generatie is helder: drie weken koers zijn pas voorbij als de streep is gepasseerd.
Op de flanken van Alpe di Siusi, halverwege de Giro d’Italia van 2016, lijkt Vincenzo Nibali een geslagen man. Zijn ogen branden, zijn ademhaling stokt, zijn lijf voelt opgezwollen. De bergtijdrit kost hem 2:10 op Steven Kruijswijk, en binnen twee dagen groeit zijn achterstand tot 4:43. Tien jaar later, legt de viervoudig Grote Ronde winnaar precies die momenten op tafel om jonge klassementsrenners één les mee te geven: geef nooit op!
“Je geeft een koers niet halverwege op. Er kan altijd iets veranderen. Kijk wat er vorig jaar op de Finestre is gebeurd,” zei Nibali tegen de Gazzetta, verwijzend naar de legendarische etappe waarin Simon Yates in de Giro van 2025 op de voorlaatste dag de roze trui greep.
Het is een koerswet die de Siciliaan in z’n hoofd heeft geprent en waar hij zelf meerdere keren getuige van was, niet één keer maar drie keer.
Allergieën en last van z’n maag
Het publiek wist het destijds nauwelijks, maar Nibali was tijdens de Giro van 2016 verre van gezond. “Het is nooit erg benadrukt, maar tijdens de Giro d’Italia had ik altijd last van allergieën, en dat remde me af. Mijn ogen brandden, mijn ademhaling werd zwaarder, ik voelde me opgeblazen. Dan deed ik tests en zeiden ze: ‘Er is niks aan de hand, je bent last van vals-positieve allergie.’ Maar ik voelde me slecht, behalve op een paar plekken: in de bergen bijvoorbeeld voelde ik me beter. Maar ik heb er nooit te veel over geklaagd,” zei hij.
Bovenop de allergieën meldde hij destijds ook maagklachten die zijn inzinking verklaarde, zo bevestigde Cyclingnews tijdens die editie. Na de bergtijdrit op Alpe di Siusi en nog een verliesbeurt de dag erna leek de koers definitief gespeeld. Kruijswijk reed sereen in het roze, Nibali zat op bijna vijf minuten. “Ik vocht, maar mentaal was ik niet vrij. Ik leed. Ik viel aan bij Asolo en ik herinner me dat ik ruzie maakte met Valverde. Het was niet zoals nu, toen iedereen vrienden leek; we vochten echt tijdens de koers,” zei hij.
Drie dagen later brak de koers open op de koninginnenrit over de Colle dell’Agnello. De omstandigheden waren zwaar, en Kruijswijk kwam ten val op de afdaling. Het is de nationale fietstragedie van 2016, die val in de sneeuwmuur. Hij verloor meer dan vier minuten. Esteban Chaves nam de roze trui over, maar met minder dan een minuut voorsprong op Nibali voor de laatste bergrit.
Nibali won die negentiende etappe naar Risoul solo en pakte een dag later op de twintigste rit de maglia rosa. Zijn uiteindelijke marge op Chaves bedroeg 52 seconden, op Alejandro Valverde 1:17.
“Het was een opluchting. Ik dacht niet dat ik de Giro zou winnen, zelfs toen niet. Pas later, na de persconferentie, besefte ik dat de overwinning binnen bereik was,” zei Nibali.
De ommekeer is sindsdien een van de meest aangehaalde voorbeelden van geduld in de ronderennerij. En precies dat geduld zag Nibali vorig jaar terug bij Yates, die op de voorlaatste dag van de Giro van 2025 als nummer drie het klassement op zijn kop zette. Yates begon die etappe op 1:21 van leider Isaac del Toro, viel aan op de Colle delle Finestre en eindigde de dag met een voorsprong van 3:56.
Twee Giro’s die ontglipten
Naast zijn vier grandetourezeges draagt Nibali ook twee vervelende herinneringen mee, allebei uit de Giro. In 2010 reed hij bij Liquigas-Doimo als ploeggenoot van Ivan Basso. Nibali droeg het roze, maar na een val moest hij het kopmanschap afstaan aan de meer ervaren Basso, die de ronde uiteindelijk won. Nibali eindigde als derde.
“Ik wil niks afdoen aan Basso, maar zonder die crash op de onverharde wegen was het waarschijnlijk de Giro van 2010 geworden: ik had de roze trui gehouden en het was een andere koers geweest,” zei hij. Maar zoals zo vaak: als, als als…..Kruijswijk zal die ook nog eens aan ‘m voorhouden.
De Giro van 2019 was het net anders. Het adagium waar twee vechten om een been, doet hier zeker opgeld. Nibali en Primož Roglič gingen er als de twee grote favorieten in, maar raakten verwikkeld in een uitputtend duel terwijl Richard Carapaz in etappe 14 naar de leiding reed. Carapaz, toen rijdend voor Movistar, werd de eerste Ecuadoriaan die de Giro won. Nibali werd tweede, Roglič derde.
“En misschien de Giro van 2019, toen Roglič en ik ten oorlog trokken en we hem allebei verloren,” zei Nibali. Volgens hem onderschatten ze Carapaz, die in de schaduw van hun strijd de vrijheid kreeg om het verschil te maken.
Het zegt eigenlijk genoeg past bij zijn centrale punt: drie weken koers vragen een continue oplettendheid en een absolute wil om te winnen. Opgeven is geen optie, ook niet als je op papier op een grote achterstand staat.
We gaan zien of dat in 2026 ook het geval is: Vingegaard lijkt topfavoriet in de Giro. Pogacar voor de Tour en de Vuelta is enkel nog een open categorie.