Foto Sirotti

Wielercultuur

Het NK Wielrennen 1994 en het onverwachte podium van Marco Vermey

Zou de demarrage van Steven Rooks in de slotronde van het NK van 1994 onderdeel zijn van een hoorspel, dan is het uitblijven van een reactie het beste vorm te geven door het laten horen van krekels. De Noord-Hollander kan zijn ogen niet geloven als hij over zijn schouder kijkt. Er komt niemand achter hem aan. Het laat hem geen andere keuze dan door te rijden. Rooks kan in gewonnen positie moeilijk inhouden en zich laten bijhalen. Een tweede nationale titel is in de nadagen van zijn carrière bovendien meer dan welkom. TVM-ploeggenoot Gert-Jan Theunisse kan het op zijn beurt niet maken om in de achtervolgende groep zelf het gat dicht te rijden. Concurrenten Erik Breukink en Frans Maassen zitten immers op zijn bagagedrager.

Vriendschap ten einde

Het koersverloop maakt dat de TVM-kopmannen verstrikt raken in hun eigen gefaalde plan. Niet Theunisse wordt de Nederlands kampioen van 1994, zoals vooraf eigenlijk het plan van het duo was, maar Rooks. De onbedoelde afloop zal het einde betekenen van een jarenlange hechte vriendschap tussen de twee. Theunisse voelt zich namelijk belazerd. Door de situatie, maar het meest door de renner die algemeen beschouwd werd als zijn wederhelft. Terwijl Nederlandse wielerfans de illusie koesteren dat er weer hoop aan de horizon gloort in de aanstaande Tour – zes jaar eerder finishten Rooks en Theunisse immers ook al eens als eerste en tweede, toen op L’Alpe d’Huez – zagen ze in Meerssen in werkelijkheid de laatste stuiptrekking van het ooit zo succesvolle Nederlandse duo. Wat velen daardoor ontgaat is dat achter de twee gewezen vrienden een grote onbekende als derde finisht in Zuid-Limburg op de laatste junizondag van 1994. Niet Breukink of Maassen mag met Rooks en Theunisse mee het podium op, maar Marco Vermey. Zijn verrassende prestatie levert hem zelfs in extremis de laatste plaats op in de Tourselectie van zijn werkgever, de bescheiden Franse Chazal-ploeg, de voorloper van het huidige Decathlon CMA-CGM.

Toevallig Tourdebuut

Het Tourdebuut van de in Lisse geboren neoprof hangt aan elkaar van toevalligheden. Om te beginnen ziet het er maandenlang niet naar uit dat Chazal zal mogen aantreden in de Franse ronde. Het team, dat gesponsord wordt door een in de Alpen gevestigde vleesverwerker, was in 1993 voor het eerst in de Tour aangetreden. Het negental had niet bepaald de stenen uit de Franse straten gereden. Alles lag nog keurig op zijn plek na de doortocht van de in felroze en zacht geel gehulde renners. Menigeen is dan ook verbaasd als de Tourdirectie in juni aankondigt een extra team toe te voegen aan het startveld van twintig ploegen. Het Italiaanse Jolly van kopman Zenon Jaskula, een jaar eerder nog derde op het podium in Parijs, mag thuisblijven. Ook de nieuwe Catavana-ploeg, met de broers Marc en Yvon Madiot en de dan al 38-jarige Sean Kelly, kan fluiten naar een Tourticket. In plaats daarvan sleept Chazal onverwacht die extra invitatie binnen. Ploegleider Vincent Lavenu moet halsoverkop een selectie samenstellen. Daarin is veteraan en oud-Vueltawinnaar Éric Caritoux de meest aansprekende naam. Met sprinter Jaan Kirsipuu hoopt Chazal hoge ogen te gooien in vlakke etappes. Verder rijden er vooral vrijbuiters in het bescheiden team. Zij moeten zo veel mogelijk mee springen met ontsnappingen om het op een kleurige fuchsia gelijkende tenue televisiezendtijd te bezorgen.

 

Doorrijden met volle blaas

Dat laatste is wat Vermey, zes dagen voordat de Tour vanuit Lille vertrekt, ook al doet in Meerssen. Als de in Frankrijk woonachtige Nederlander vroeg in koers even aanzet om verderop rustig een plasje te kunnen plegen, heeft hij ineens een groter gat geslagen dan bedoeld. Vermey besluit zijn blaas vol te laten en door te rijden. De al 29-jarige debutant had voor de start goed uitgezocht hoe laat de NOS precies zou beginnen met de live-registratie van de nationale titelstrijd en zich voorgenomen op dat moment in voorste gelederen te rijden. Het was de enige ambitie waarmee Vermey naar Nederland was gekomen. Op eigen kosten en zonder begeleiding vanuit Chazal reed hij een dag eerder met de auto vanuit zijn Franse woonplaats Castigny naar het Limburgse Ulestraten. De nacht bracht hij er, in gezelschap van zijn ouders, op een camping door. Marco op een veldbed. Pa en ma op een matje op de vloer.

Globetrotter

Primitieve omstandigheden zijn de renner niet vreemd. Jarenlang is hij als een globetrotter de wereld over getrokken om in allerlei uithoeken aan koersen deel te nemen. Sterke optredens tijdens de amateurversie van Parijs-Roubaix en enkele andere Franse koersen hadden hem een profcontract bij Chazal opgeleverd. Het NK is een uitgelezen kans zijn werkgever wat ‘screentime’ in Nederland te bezorgen en zich in de kijker te rijden. Kilometerslang voert Vermey, in gezelschap van Servais Knaven en Erwin Nijboer, het kampioenschap aan. Als de kanshebbers op de titel aansluiten blijkt hij nog steeds goed te kunnen volgen. Rooks en Theunisse zijn op de Lange Raarberg weliswaar een maatje te groot, maar achter het tweetal en vóór Breukink en Maassen, rijdt de Chazal-renner verrassend naar het laagste treetje van het podium. In Frankrijk neemt Lavenu goedkeurend kennis van die prestatie en schenkt Vermey het laatste plekje in zijn Tourselectie. Zijn achteraf enige optreden in de Franse ronde brengt de Nederlander niet het gehoopte. Na twee weken stapt hij af. Vermoeid en gedesillusioneerd. Voor Marco Vermey is het grootste wielercircus ter wereld net iets te groot. Schrale troost is dat op het moment dat hij de Tour verlaat het tweetal op het NK nog voor hem eindigde, Rooks en Theunisse, na een uitermate teleurstellend optreden in Frankrijk al een paar dagen thuis in Nederland zit.

Bekijk ook van Vincent de Lijser

Het NK Wielrennen 1994 en het onverwachte podium van Marco Vermey

Wielercultuur

Hoe Carlo Bomans in 1989 Belgisch Kampioen werd

De jarige Bomans kreeg hulp uit onverwachte hoek

Wielercultuur