Foto Hennes Roth (via Commons-Wiki)
Het tourdilemma van Peter Post en de jarige Klaus-Peter Thaler
‘Wieder ein Deutscher im gelben Tricot!’ De toon waarop Gerrie Knetemann spreekt, in een soort steenkolen Duits en doorspekt met de hem typerende Amsterdamse tongval, verraadt ondubbelzinnig veel ongenoegen. De renner van TI-Raleigh trekt flink van leer, als journalist Peter Ouwerkerk van Het Vrije Volk hem ondervraagt over de zojuist verreden Touretappe. Knetemann en zijn ploeggenoten hebben een ploegentijdrit van liefst 153 kilometer – de langste uit de Tourgeschiedenis – met succes afgerond. Niet alleen hebben de manschappen van ploegleider Peter Post veruit de snelste tijd geklokt, de gele leiderstrui is eveneens veroverd. Precies daar wringt de schoen voor Knetemann en voor de oud-renner, die nu zijn leidinggevende is. Ook Post windt er namelijk geen doekjes om. Evenals zijn pupil had ook hij veel liever gezien dat Knetemann het geel had gegrepen. De Nederlander is echter afgetroefd door een oosterbuur. Net als een jaar eerder. Toen had Dietrich Thurau de proloog van de Tour van 1977 gewonnen. Vier seconden sneller dan Knetemann was de West-Duitser geweest. Genoeg om niet alleen de dagzege op te strijken, maar ook de leiderstrui voor de neus van de Amsterdammer weg te kapen. Die was er de volgende dagen niet meer in geslaagd zijn ploeggenoot voorbij te steken in het algemeen klassement. Weg gele droom. Een jaar later overkomt ‘De Kneet’ precies hetzelfde. Ditmaal is het niet Thurau die de meest begeerde aller koerstruien weggekaapt, maar een andere West-Duitser. Klaus-Peter Thaler is degene die na die buitengewoon lange ploegentijdrit namens TI-Raleigh het geel mag afhalen.
Duivels dilemma
De amateurwereldkampioen veldrijden van 1973 had Post een avond eerder voor een duivels dilemma geplaatst. De die dag verreden derde Touretappe had TI-Raleigh een ritzege opgeleverd, maar het geel gekost. De ronde van 1978 was sowieso al met een dubbel gevoel begonnen voor de Nederlandse ploeg. In eigen land, in Leiden, hadden de renners van Post flink huisgehouden tijdens de vijf kilometer lange proloog door het stadscentrum. Jan Raas had de snelste tijd laten noteren, met Knetemann in zijn kielzog. Ook klassementskopman Hennie Kuiper had uitstekend gepresteerd op de door de regen kletsnatte klinkers in de sleutelstad. Thaler was als tiende gefinisht. Tot woede van de hele TI-Raleigh-ploeg had de Tourdirectie vervolgens besloten de uitslag nietig te verklaren en dus niet mee te tellen voor het klassement. De omstandigheden zouden te gevaarlijk zijn geweest en veel renners hadden het opzettelijk voorzichtig aan gedaan om niet hun eigen kansen op voorhand te torpederen met een valpartij.
Al beweerden boze tongen dat de chauvinistische Fransen het niet konden verdragen dat topfavoriet Hinault meteen op de eerste dag een tijdverlies van negentien seconden op Raas kreeg aangesmeerd en de andere favorieten voor het geel nog meer. Als door een wesp gestoken was de Zeeuw een etmaal later in Sint-Willebrord alsnog naar ritwinst en de bijbehorende gele trui gesneld. Twee dagen lang mocht Raas zich klassementsleider noemen. Daags voor de ploegentijdrit waren Thaler en de Fransman Jacques Bossis in de straten van finishplaats Saint-Germain-en-Laye veruit de snelsten van een kopgroep. De West-Duitser won namens TI-Raleigh de etappe, terwijl de renner van Renault het geel mocht aantrekken. Tot woede van Post, want Thaler had onderweg geen interesse getoond in een tussensprint en uitgerekend de bijbehorende bonificatieseconden hadden Bossis de klassementsleiding opgeleverd. Pal achter hem in de rangschikking stond nu, op twintig seconden, Thaler. Vier plekken lager, met eenzelfde achterstand, Knetemann. Het betekent vanzelfsprekend dat, mocht TI-Raleigh de volgende dag de ploegentijdrit winnen, het geel opnieuw bij de Nederlandse ploeg terecht komt. Thaler maakt veruit de meeste kans om alsnog het geel van Bossis over te nemen.
Tenzij de West-Duitser zijn ploeggenoten niet zou kunnen bijbenen. Die mogelijkheid plaatst Post voor dat al genoemde duivelse dilemma. Hij kan Thaler onmogelijk stalorders geven zijn collega’s bij hem weg te laten rijden, maar wat nou als de andere TI-Raleigh-renners domweg te snel voor hem zijn?! In dat geval komt tempobeul Knetemann in polepositie om de leiderstrui aan te trekken. Een Nederlander in het geel, en dan ook nog de razend populaire en mediagenieke Amsterdammer, zou Post veel beter uitkomen dan dat die eigengereide einzelgänger uit Noordrijn-Westfalen in het tricot rond rijdt. Aan het begin van het seizoen was Thaler van het Spaanse Teka overgestapt naar TI-Raleigh. Posts geldschieter wilde haar naamsbekendheid in West-Duitsland vergroten en had zodoende een sterke voorkeur voor de aanwezigheid van een renner met die nationaliteit in de ploeg. Thurau was echter overgestapt naar het Belgische IJsboerke, vandaar dat Post voor vervanging moest zorgen.
Indruk
De keuze was op Thaler gevallen. Die had in 1977 indruk gemaakt met een derde plek in het eindklassement van de Vuelta en een ritzege in de Tour. De West-Duitser blijkt echter al snel niet goed te liggen binnen TI-Raleigh, waar met name Raas en Knetemann de dienst uitmaken. Het verklaart waarom Post het tweetal zijn fiat geeft als zij aangeven niet te willen wachten, mocht Thaler hun tempo in die extreem lange ploegentijdrit niet meer kunnen volgen. Ze doen hun uiterste best en brengen de mogelijk nieuwe klassementsleider serieus in de problemen. Op twintig kilometer van de aankomst begint Thaler zelfs wat te zwalken en lijkt te moeten lossen. Het is dat Gerben Karstens hem een zeer behulpzaam duwtje geeft, waardoor zijn ploeggenoot weer in het wiel van de renner voor hem kan terugkeren. Ondanks dat Raas en Knetemann de gashendel nog meermaals vol open draaien en Thaler piept en kraakt als een oude Opel-Kadett, die niet meer door de APK komt, geeft hij niet af. Hij bijt zich stevig vast in het kielzog van zijn ploeggenoten. Het geel is, ondanks meerdere verwoede pogingen van Knetemann en tot grote teleurstelling van Post, opnieuw voor een Duitser. Voor Klaus-Peter Thaler.
Foto Hennes Roth (via Commons-Wiki)