Foto Sirotti

Wielercultuur

Van Zülle tot Jonker – geadopteerde Nederlanders in de Tour

Tour-debutant Alex Molenaar gaf de eerste week van de Ronde van Frankrijk mede kleur door meteen de bolletjestrui te veroveren, nota bene in de achtertuin van zijn Catalaanse moeder. Een volmondig Nederlandse naam dus, maar wel degelijk met twee verschillende bloedstromen. Net als Matthieu van der Poel uiteraard, die het wielerbloed van zijn vader combineert met de genen van opa Poulidor. Reden genoeg om nog eens in de geschiedenis te graven van wielrenners met een andere nationaliteit, maar met deels Nederlands bloed. Onder wie een Zwitser die we misschien wel meer dan half Nederlander zijn gaan vinden.

Henk Vogels (Australië)
Natuurlijk klinkt die naam hartstikke Nederlands, maar Vogels werd geboren in het Australische Perth. Hij reed dan ook onder Australische vlag. Ook zijn vader – Henk Vogels Senior – was kortstondig profrenner. Zijn zoon reed in 1997 en 1999 de Ronde van Frankrijk namens de Franse wielerploegen Gan en Crédit Agricole en won in zijn loopbaan vooral wat minder bekende koersen. Zijn beste prestatie in de meer bekende koersen was een tweede plek in Gent-Wevelgem in 2003.

 

Foto Sirotti
Foto Sirotti
Foto Sirotti

Michael Rogers (Australië)
Aan zijn naam zie je niet direct de Nederlandse link, maar Rogers werd geboren uit een Nederlandse moeder. Rogers fietste maar liefst elf keer mee in de Tour, reed een keer in de top tien (9e in 2006) en won in die periode 1 etappe. Dat was tijdens zijn tiende Tour, in 2014, waar hij de zestiende etappe won. Dat was de rit van Carcassonne naar Bagnères-de-Luchon, na een aanval uit de vroege vlucht. Naar buiten toe sprak Rogers zich verder nooit zo uit over de Nederlandse invloed. Ook al sprak hij wel wat Nederlands, hij voelde zich vooral Australiër.

 

Foto Sirotti

Patrick Jonker (Australië)
Nog een Australiër in dit gezelschap. Niet gek, als je weet hoeveel Nederlanders na de oorlog emigreerden naar het land Down Under, maar Patrick Jonker werd in tegenstelling tot de voorgaande twee renners geboren in Nederland en verkaste daarna pas naar de andere kant van de aardbol. Hoewel hij altijd fietste onder Australische vlag, bleef hij toch altijd geassocieerd worden met zijn geboorteland. Niet in de laatste plaats omdat hij ook nog eens enkele jaren voor de Rabobank-ploeg fietste. Jonker reed vijf keer de Tour, met een twaalfde plek in 1996 als beste resultaat.

 

Foto Sirotti
Foto Sirotti

Alex Zülle (Zwitserland)
Als je het hebt over halve Nederlanders in de Tourgeschiedenis dan kan je zeker niet om Alex Zülle heen. Niet alleen was hij markant vanwege zijn bril, maar ook vanwege zijn altijd vriendelijke, sympathieke voorkomen. Tel daarbij op dat hij sprak in een Nederlands met een zachte en gemoedelijke Zwitserse tongval en het plaatje komt weer boven. Maar Zülle, zoon van een Zwitserse vader en een moeder uit het Brabantse Steenbergen, was veel meer dan dat. Hij klom als de beste, reed in de gele trui, werd twee keer tweede en won twee etappes. En in de jaren dat hij meefietste werd zijn Nederlandse kant misschien nog wel extra gewaardeerd vanwege het feit dat ‘onze’ successen uitbleven. Na het Festina-schandaal was hij een van de eersten die openhartig en publiekelijk EPO-gebruik bekende, daar waar Virenque lang glashard bleef ontkennen.

Foto Sirotti
Foto Sirotti
Foto Sirotti

Bekijk ook van Niels Steeghs

Van Zülle tot Jonker – geadopteerde Nederlanders in de Tour

Buitenlandgenoten in Frankrijk

Wielercultuur

Hoe de Tour straks misschien toch wacht op iets

Zuchtend onder klimaatextremen

Algemeen