Gehavende Uijtdebroeks kraakt vroeg in Andorra vanwege blessure, klassement overboord
De Belgische kopman van Movistar verloor meer dan 26 minuten in de eerste bergrit. Een geblesseerde linkerenkel maakte de rit over zijn vertrouwde Andorrese wegen tot een gevecht om de finish te bereiken.
Het is niet het jaar van Cian Uijtdebroeks, de 23-jarige Belgische kopman van Movistar Team. Hij moet in etappe 4 van de Vuelta 2026 al op de Port d’Envalira het peloton laten rijden.
De eerste echte bergrit van deze Vuelta a España moest voor Uijtdebroeks een kans op herstel worden. In plaats daarvan eindigde hij als laatste in Andorra la Vella, op ruim 26 minuten van ritwinnaar Tadej Pogačar, de Sloveense nieuwe leider in het algemeen klassement. Zijn ambities voor een goed eindklassement lijken daarmee na vier etappes verkeken.
Uijtdebroeks rijdt sinds een val in de tweede rit naar Manosque met een pijnlijke linkerenkel. De eerste medische controle gaf door de zwelling geen volledige duidelijkheid. “Het is moeilijk te zien met het vocht dat eromheen zat, maar er is misschien een klein barstje in mijn enkel”, zei hij na die etappe.
Volgens ingewijden is er een fissuur, een haarfijne breuk, vastgesteld. De artsen achten doorrijden verantwoord, maar Uijtdebroeks heeft pijn wanneer hij uit het zadel komt. Ook lopen gaat moeizaam. Dan is het niet heel erg fijn koersen, om maar eens een understatement uit de kast te trekken.
Envalira beslissend
Uijtdebroeks moest al in de eerste klimmende kilometers van de Port d’Envalira lossen. De beklimming van 25 kilometer aan gemiddeld 5 procent voerde het peloton naar 2.409 meter, nog voordat de favorieten elkaar bestookten.
Daarna lagen nog de Collada de Beixalís, de Coll de Ordino en de Alto de la Comella op de route. De korte etappe door Andorra telde ongeveer 105 kilometer en 3.024 hoogtemeters, met nauwelijks vlakke stroken om te herstellen. Uijtdebroeks bleef in koers en bereikte de finish binnen de tijdslimiet.
Juist deze rit liep over vertrouwde wegen. De Belg woont in Andorra en behoorde tot de 32 deelnemers met een Andorrese licentie. Het thuisvoordeel woog niet op tegen zijn enkelblessure, waardoor hij een groot deel van de dag met één been moest trappen.
Movistar bekijkt zijn herstel per dag
Uijtdebroeks wilde na zijn val niet meteen opgeven. “Ik hoop dat de pijn wat vermindert”, zei hij voor de bergrit. Die verbetering bleef op de eerste grote test uit.
De Belg wil de Vuelta voorlopig voortzetten. De medische staf van Movistar beoordeelt zijn enkel dagelijks, waardoor ook zijn start in de volgende etappe van zijn herstel afhangt.