Foto Panini — 'Sprint 72'
In memoriam: Raymond Riotte, de superknecht die ook in het geel reed
De Franse wielrenner en superknecht Raymond Riotte, die in 1967 het gele trui droeg in de Tour de France, is dinsdag op 86-jarige leeftijd overleden. Hij was de enige renner uit het departement Yonne (in de Bourgogne) die ooit geel droeg en bouwde een carrière uit als trouwe helper voor de besten van zijn generatie.
Raymond Riotte, de renner uit Sarry die het gele trui droeg in de Tour de France van 1967, is dinsdag 14 april op 86-jarige leeftijd overleden. Het nieuws bereikte de Yonne, zijn thuisdepartement, waar hij werd beschouwd als een van de grootste sporters die de regio heeft voortgebracht. Eerder schreef Vincent de Lijser al een mooi verhaal over deze super domestique die ooit het geel droeg.
De enige uit de Yonne
Riotte was de enige wielrenner uit de Yonne die het gele trui in de Tour de France droeg. Hij was geboren in Sarry, woonde in Noyers-sur-Serein, en bleef na zijn wielercarrière innig verbonden met het lokale wielerleven. De tributes die binnenstroomden bij zijn dood onderstrepen die betekenis. Franck Pineau (sportief directeur bij Groupama-FDJ) zei: “Son ADN, c’était le travail”. Jean-Michel Quéré noemde hem “un grand monsieur, issu du monde paysan, d’une extrême gentillesse”.
Latere doorbraak
Riotte was geen wonderkind. Hij begon pas met wielrennen na zijn militaire dienst, op 22-jarige leeftijd. Hij reed voor Vélo Club d’Auxerre voordat hij in 1966, op 26-jarige leeftijd, professional werd bij de befaamde BIC ploeg, waar hij gelijk Jacques Anquetil, Lucien Aimar, en Jean Stablinski moest bijstaan.
Het was geen logisch loopbaanverloop en een a-typisch begin voor een toploopbaan in het wielrennen. Toch bouwde hij in negen seizoenen (1966-1975) een palmares op, met acht Tourstarts op zijn naam. Vergeet ook niet dat hij daarbij 22 overwinningen scoorde, met Paris-Camembert als een belangrijke maatstaf voor zijn kracht als renner.
Het moment: 1967
Tijdens zijn allereerste Tour de France in 1967 drukte hij gelijk zijn neus aan het venster. Riotte vond zichzelf herhaaldelijk in ontsnappingen. Volgens zijn eigen woorden: “Je me suis trouvé souvent dans des échappées. Et à force d’être dans les échappées, je grignotais 30 secondes par-ci et une minute par-là.” Die kleine stukjes tijdwinst stapelden zich op en resulteerden in een onverwachtte gele trui.
In die Tour won hij een aantal dagen later de etappe van Digne naar Marseille met een prachtige solo. Die combinatie van gele trui, groene trui en een ritzege, en dat bij een eerste deelname, dat blijft zeldzaam. Raymond Poulidor, zijn kopman in 1967, beschreef het jaren later nog vol bewondering: “Hij had de koers onder controle, reed aan kop en zat vaak in de juiste ontsnapping. Hij was een doorzetter.”
De echte rol: domestique
Maar Riotte’s reputatie was eigenlijk meer als de superknecht, voor Roger Pingeon, Jacques Anquetil, Raymond Poulidor, Lucien Aimar, Lucien Van Impe en Bernard Thévenet. Hij heeft eigenlijk alle grote renners begeleidt, wat voor hem spreekt. Hij was betrouwbaar en sterk.
Bernard Thévenet zei: “Il était un bon équipier. Il voyait très clair en course, dès qu’il avait appris à courir.” Hij was een fijne teamgenoot. Hij had een goed koersinzicht, nadat hij geleerd had om te koersen’. Juist dat maakte hem waardevol voor zijn kopmannen.
Na de koers
Riotte bleef, ook jaren na zijn professionele carrière, zichtbaar in het wielrennen. Cédric Pineau zei: “Bij elk moment dat er iets met fietsen was in de Yonne regio, was hij daar.” Hij was betrokken bij inspanningen om de Tour de France terug naar zijn departement te brengen. Eric Broyon omschreef hem als het brein achter die contacten: “De ware terugkeer van de Tour de France in de Yonne, was vanwege het werk van Raymond Riotte.” Hij was ook actief rondom Parijs-Nice als PR persoon.
Hij draaide ook een eigen onderneming totdat op latere leeftijd.
Het was een van de meest gewaardeerde knechten uit zijn tijd.