Ik heb in mijn leven maar één serieuze berg beklommen. En dat is precies de reden waarom ik nu op een camping sta aan de voet van de Mont Ventoux.

Dat is een gek verhaal. Vind ik zelf ook. Maar volgens mij houden jullie daar wel van. Dus hou ik de komende week, als gastblogger van Het is koers, een dagboek bij van mijn avonturen tussen Zuid-Frankrijk en Zuid-Limburg.

Deze week wachten de Ventoux, de Alpe d’Huez, de Glandon en iets dat de Col de L’homme Morte moet heten. In totaal zal ik 1.300 kilometers en meer dan 20 duizend hoogtemeters wegtrappen.

Ingehaald door de bezemwagen

Even terug naar die enige serieuze klim in mijn leven. Drie jaar geleden reed ik de Grand Ballon op. Ergens halverwege werd ik ingehaald door de bezemwagen van The Ride. Nou gaf dat misschien al wel te denken. Maar toen ik ontdekte wat dat eigenlijk was, die Ride, gebeurde er vooral iets anders.

Je kent dat misschien wel. Er kroop een stem in mijn hoofd. Om daar nooit meer weg te gaan. Ik begon The Ride te volgen op Instagram en dacht maar één ding. Ooit doe ik hier aan mee.

Nou werd die gedachten de eerste jaren nog wel gestild. Ik was net begonnen met fietsen en kende mijn limieten. Maar naarmate ik me verder verloor in de sport, werd het stemmetje in mijn hoofd luider.

En nu zit ik dus hier. Met aardig wat kilometers in mijn benen, maar nog steeds maar één serieuze klim op mijn naam. Ook heb ik weinig tot geen ervaring met het fietsen in een peloton en vind ik dalen stiekem behoorlijk spannend.

Ik ben misschien wel één van de meest atypische deelnemers aan The Ride ooit.

Voor mij staat de Alpe d’Huez in Hoograven. In mijn schuurtje in die Utrechtse wijk om precies te zijn. Verreweg de meeste klimmeters die ik in mijn fietsleven heb gemaakt, liggen in die schuur. Op Zwift.

D1 training, blokjes, intervallen

Toen ik het geschreeuw van het Ride-stemmetje niet meer aankon, zag ik nog maar één uitweg. Ik belde met Erwin Florie, één van de trainers van The Ride. In de verwachting dat hij me keihard zou uitlachen alleen al om het idee dat ik deze epische tocht aan kon.

Dat deed hij niet.

Sterker nog: hij zei dat mijn inmiddels zesduizend fietskilometers per jaar een prima basis waren. Maar er moest wel getraind worden. Vanaf oktober kreeg ik elke vier weken een schema van Erwin. D1 training, blokjes, intervallen. Op een bedje van repen, gelletjes en herstelshakes. 

Aan het einde werd het trainingsschema behoorlijk intens. Naast een gezin en mijn baan als hoofdredacteur van NU.nl was het al maanden een uitdaging om veel te fietsen. Maar toen de teller naar meer dan tien uur in de week ging, was de maat vol.

Ga kanoën met je kinderen

De laatste zondag voor The Ride ging mijn wekker om zes uur. Voor een rit van zes uur. Maar de stem in mijn hoofd zei nu wat anders. Vergeet die training, ga kanoën met je kinderen.

Het werd een prachtige dag, maar voor mijn zelfvertrouwen op de fiets was het niet zo goed. De zenuwen zaten de laatste weken al behoorlijk in mijn lijf.

De volgende morgen voelde ik met natuurlijk schuldig. Dus ging ik terug naar de plek waar het allemaal begon. In mijn schuurtje, op de Alpe du Zwift. Ik trapte de longen uit met lijf en verbeterde mijn record met vijf minuten.

Volgens Zwift is mijn ftp inmiddels 294. Dat was 267 voor Erwin mij onder handen nam.

Morgen beginnen we. Ik ben er klaar voor. Denk ik.

 

Lees ook de andere afleveringen in deze serie